Zaterdag 1 mei
De timelapse van de zonsopgang wordt niks: het is behoorlijk mistig als ik wakker word.

Ik blijf dus in bed liggen, geniet van de warmte van mijn nestje, en we doen het rustig aan. Koffietje, beetje lezen, rustig klaarmaken.
We besluiten nog een redelijk korte wandeling te maken. Dat is niet echt simpel hier in Keiem: veel kleine weggetjes vind ik niet, je belandt al snel op grote wegen, en een blokje rond wordt al snel een blok rond. Uiteindelijk maak ik een wandeling naar de Tervaetebrug en langs dezelfde weg terug.
Het klaart uit, en tegen dat we vertrekken is het helder. En warm! We vinden het lastig, en lopen al snel te zweten. Maar het landschap is mooi.

Na anderhalve kilometer komen we aan de IJzer, maar die zit verborgen achter een dijkje, en we lopen op een vervelende weg. We klauteren dan maar de dijk op, daar is een wandelpad. En daar stapt het aangenamer. Voor de brug kunnen we vlot de dijk af. We kijken eens rond aan de brug (brug, boot, kapelletje, Keiemse Kazen), en keren dan terug.


Opnieuw op de dijk, maar het afdalen is nu wat avontuurlijker. Waarna we een 50-tal meter verder zien dat dat eigenlijk makkelijker ging dan we doorhadden.
Soep met een boterham en dan vertrekken we voor de reden waarom we naar Diksmuide kwamen. Mijn schoonbroer werd 50 jaar, en mijn zus organiseert een verrassingsfeestje. Een coronaproof feestje, buiten.

Daarvoor valt het weer dus wel mee, behalve die koude wind was het zonnig en mooi. We (wat familie en vrienden) verzamelen incognito…

… op de kade bij Buitenbeentje, vlak naast de werf waar de Eiland ligt. We hebben vlagjes mee, en als Joeri buitenkomt, overvallen we hem verjaardagsgezang en gezwaai met de vlagjes.

Hij weet even niet waar hij het heeft.

Tussendoor nog snel even een foto van de Eiland, ge moogt mij dat niet kwalijk nemen, ik vind dit een gewoonweg schitterend beeld.

Er wordt een glaasje gedronken, en daarna gaan we rijden met de gocarts. Wat ik nog nooit eerder deed, want mijn moeder wilde dat nooit. Zij had dat ook nog nooit gedaan. Voor alles is een eerste keer dus. (foto door Hilde)

Bij het vertrek zien we onze eigen woning.

We sjezen met een zestal gocarts aan een noodvaart door Diksmuide (Joeri had de leiding en was een beetje aan de wilde kant) en hebben eigenlijk best wel veel leute. Maar het is ook verdorie lastig (onnozel klein verzetje).

Daarna kunnen we nog gaan kayakken, maar dat zien we niet zo zitten. Uiteindelijk mogen de niet-liefhebbers met de boot een toerke gaan varen, en dat vinden wij altijd plezant. (foto door Hilde)

(de foto die ik op de foto van Hilde maakte)

We hebben een bekwame schipper, die ons op de IJzer tot aan de Dodengang vaart, waarna de plecht gekeerd wordt en we terug varen. Genieten, met volle teugen.

De Eiland en Co. op de werf.

In de schaduw van de IJzertoren.


We werden begeleid door de reiger die ter plekke resideert.

Mijn ma en Herman.



Daar over dat bruggetje fietsten we een dag eerder, en reden we daarnet ook met de gocarts. Niet zeker of dat laatste eigenlijk wel mocht.

Terug naar de basis.


Na alle activiteiten verorberen we nog een vegetarische hotdog, waarna wij terugkeren naar onze camper en naar de camperplaats terugrijden. Blijkbaar hebben we daar wat ambiance/ambras gemist (iets met luide Vlaamse schlagers en een polonaise en andere camperaars die daar niet gelukkig mee zijn en boos vertrekken) maar dat vinden we niet erg. Moe maar tevreden kruipen we in onze nest.
Zondag 2 mei
Timelapse van de zonsopgang zou gegaan hebben vandaag, maar ik heb geen zin in de kou en blijf liggen. Moet kunnen. Het is nu eenmaal vakantie. Meneertje Mertens gaat afrekenen, we ruimen op en we vertrekken. We hebben ons toch wel “gejeund” op camperplaats ’t Nesthof.
We rijden eerst naar de Moeren, waar we bij deftige weersomstandigheden een fietstochtje willen doen.

De rit is mooi, het dorp Stuivekenskerke blijft me bij. Het valt me vaak op hoe mooi zomers het weer er uitziet als we aan het rijden zijn, zo heerlijk verwarmd door het zonnetje achter glas. Tot je de deur opendoet en de ijzige wind je gezicht slaat!
We houden halt op een pleintje in Gijverinkhove. Fietskleren aan, fietsen uit de garage en hoppa, wij weg. Het valt nog mee met de wind, maar hij blaast toch wel stevig. Gelukkig in de eerste helft van de rit in het nadeel, de tweede helft gaat bij momenten erg vlot. We genieten van het mooie, weidse landschap.



De Sint-Gustaafsmolen.

We zijn niet ver. Maar toch blijven we er weg.


Moeren, gij waart schoon, maar wij willen vooral niet weten hoe gij voelt als het hard waait.

En we zijn toch wel blij dat we na 40km terug zijn bij de camper. Fietsen in de garage, omkleden, en beslissen wat we gaan doen. Hier onze soep warmen? Maar Meneertje Mertens wil de zéé ziéén! En dan doen we dat, natuurlijk. Want hij heeft gelijk, het is niet ver. We rijden naar een plekje ergens aan de Koninklijke Baan tussen Sint-Idesbald en De Panne, en eten daar onze soep met boterhammen. Daarna maken we een wandelingetje tot aan de zee. We zijn er al snel weer weg, koud mannekes, koud!

Er staat een reuzenrad, begot!



Onze weg naar de zee leidt via oude en vervallen gebouwen, en we laten ons verleiden tot wat quasi urbex fotografie. Ik zoek eens op wat dit ooit was: camping Zeepark. Opgeofferd voor plannen voor een vakantiepark, maar die komen precies niet al te hard van de grond.










We vergaten de chemische cassette te legen in Diksmuide, en we zijn niet zeker dat we straks plek gaan vinden, dus rijden we langs een parking in Kortemark waar we kunnen lozen. We kunnen er ook de grijswatertank lozen en fris water bijvullen, dat doen we dan ook maar meteen.
Waarna we doorrijden naar Doornik. Over Roeselare, vind ik altijd een lelijke en saaie baan. Vanaf Harelbeke begint het wat te beteren. Voor Deerlijk veranderen we van richting, en rijden we via kleine en mooie wegen langs het kanaal Kortrijk-Bossuit. We herkennen het hier, we hebben hier nog niet zo lang geleden eens gewandeld.
Via Spiere-Helkijn belanden we in Wallonië, en rond 17u30 komen we aan op camperplaats Le vert marais bij de gelijknamige boerderij. Tot ons groot plezier (en tot onze opluchting ook, eerlijk gezegd) is er nog plaats. Leuk: op een bordje staat zoiets als “installeert en zet u, wij komen wel eens langsâ€. We kunnen dus gewoon een plekje kiezen en ons installeren. Wat we doen, terwijl we ons vergapen aan het mooie landschap en uitzicht. Ik ben zo blij met deze camperplaats! Derde gelukje op een rij.


We maken meteen ons avondeten klaar, we kijken eens rond, en ik kruip op mijn bed met laptop en toebehoren, om eindelijk eens de foto’s te sorteren en verslagjes te schrijven. Af en toe duik ik nog eens naar buiten, voor dat mooie landschap, nu overgoten met goud, en de mooie lucht.




Laat een reactie achter bij MarjolijnReactie annuleren