Dinsdag 30 juni
De wekker staat om 4u30, tegen 5u staat Meneertje Mertens op en maakt koffie. Ik krijg zoals altijd een kop koffie op bed, luxebeest dat ik ben. Zicht vanuit mijn bed.
Ik heb weer niet echt goed geslapen, ik ben vaak wakker maar slaap wel als het tijd is om op te staan. Rond 6u hebben we opgeruimd, en kunnen we vertrekken, we hoeven niet meer te lozen. Meneertje Mertens rijdt naar de bareel, badget, moet nog eens achteruit omdat hij niet goed staat, en hup de bareel gaat dicht. En de bareel gaat niet meer open. Getverderrie. “Veuillez appelerâ€, komt het op het schermpje van de terminal. Jahaa, om 6u ’s ochtends is er niemand bereikbaar. Meneertje Mertens gaat aan de ingang badgen in de hoop dat we dan naar buiten kunnen, maar dat helpt niet, er is geen voertuig dus wil de terminal niet mee. Ondertussen staat er al iemand te loeren aan de camper die naast de ingang staat. De bareel eraf vijzen moeten we dus ook al niet doen. Maar blijkt dat, tot ons groot geluk, de “ambassadeur†van de camperplaats te zijn. Hij komt tot bij ons, vraagt wat het probleem is, en begint rond te bellen. Niemand neemt op, natuurlijk. Zijn vrouw komt er ook bij staan. Meneer is nogal van het mompelige, kortaffe type (ochtendhumeur, misschien? hehe), Mevrouw draagt oplossingen aan en kalmeert. Ja, er staat geld op onze kaart. Ja, we hadden gereserveerd en alles is eigenlijk al maandenlang betaald. Het was gewoon door achteruit te rijden. Na 20 minuten (vriendelijk) gepalaver gaat de meneer zijn sleutelbos halen, en opent hij de bareel manueel voor ons. HALLELUJAH! We kunnen verder. Dankbaar en met excuses dat we die mensen zo vroeg wakker gemaakt hebben. Maar daarvoor zijn ze er uiteindelijk. Wij blij, we zijn maar een half uur kwijt, en niet 2 à 3u. wat vandaag echt niet leuk geweest zou zijn. Soit. Oef. We gaan nog tanken, en vertrekken.
Eerst een deel bekende weg van in het doorrijden een paar dagen geleden, maar na een tijdje is alles nieuw. En mooi. We rijden door de Landes, en genieten. Rust, stilte. Af en toe een dorp. Af en toe eens een grotere stad en wat meer drukte. Lange, rechte wegen door natuur, eindeloze sparrenbossen. Wat een pracht.
Het duurt vrij lang voor we kunnen stoppen om te ontbijten, maar dat doen we uiteindelijk in Saint-Paul-en-Born, ergens in het hol van Pluto of the middle of nowhere, zo van die plaatsen waarvan Frankrijk er honderden heeft. Waarmee ik niet wil zeggen dat ze niet mooi zijn, integendeel. Maar ze zijn gewoon leeg. Er is niemand. Er is niets. Er is enkel natuur. Soms bewerkte velden, maar soms ook gewoon kilometerslang bossen waar geen mens ooit komt. Schitterend. We posteren ons ergens langs de baan, eten ons ontbijt, ik maak nog wat foto’s.
We rijden verder door een prachtig gebied met het ene meer na het andere. Die meren liggen vlakbij de kust, in vlak landschap, en deze regio wil ik toch wel onthouden om er later nog eens te komen fietsen. We vinden het een fantastische ontdekking. We stoppen bij het meer van Sanguinet, om eens rond te kijken en wat foto’s te maken. Wat een zalige plaats!
En zo rijden we steeds verder, na de Landes door de Médoc. We hebben heel veel kilometers af te leggen, en het gaat behoorlijk vlot. we rijden in één ruk door naar de Bac du Verdon-sur-Mer om de Gironde over te steken.
Deze boom is de albizia julibrissin of zijdeboom of Perzische slaapboom. Ik heb de PlantNet app enthousiast omarmd. Wacht maar.
Door het veer te nemen, konden we vermijden dat we Bordeaux door moesten (daar had ik absoluut geen zin in) of dat we autosnelweg moesten nemen. Niet dat het goedkoper is, het veer kost ons uiteindelijk een dikke 50 euro. Ouch. Maar tegelijk is het elke cent waard, wat doen we dit toch graag. Het is een ervaring, het is prachtig. Het landschap, de oceaan, de Phare de Cordouan waar we een glimp van opvangen in de verte… prachtig.
Wachten voor vertrek.
Quand on habite ici, on prend le bac.
Wachten om in te schepen.
Op de boot.
De Phare de Cordouan staat 2x op de foto’s. Heb je ze gezien? Er staan ook boeien op, mispak je niet.
We rijden het veer af en Royan door (toch weer niet simpel, we krijgen weer smalle wegen voorgeschoteld) en rijden dan de laatste kilometers naar ÃŽle d’Oléron. Het landschap is volledig veranderd: open en veel weilanden.
Na een tijdje gaan we over in het typische landschap voor de eilanden met oestervelden en veel water.
We komen al eens zo’n typisch Franse vrachtwagen tegen.
De brug naar het eiland is imposant: heel lang. De brug naar ÃŽle de Noirmoutier is korter maar wel hoger.
Het hele eind op de brug zit ik met een grijns van oor tot oor: man man, wat ben ik hier graag, dit voelt als thuiskomen. Die kleuren van het water!
Eens op het eiland is het nog meer dan 20 kilometer rijden naar onze bestemming: de Aire de Stationnement Camping Car du Moulin, een oude camping die omgevormd werd tot camperplaats. De rit over het eiland is druk en soms lastig met smalle straten en ongeduldige chauffeurs. Eens op de camperplaats (om 15u30 zijn we ter plaatse) gaat alles vlot: inchecken, lozen en water nemen, een plekje zoeken.
We vinden een fijn plekje op het eind van de camperplaats in een hoekje, daar staan we heerlijk rustig, en van in onze zetels hebben we zicht op de molen.
Voor de rest van de dag doen we niet veel meer: eten maken en opeten, de boel buiten opzetten, de fietshoes zoeken (vruchteloos, raadsel), foto’s bekijken, verslag typen, beetje converseren met de familie, en niet te laat gaan slapen want we zijn toch wel moe van deze lange dag rijden.
Zoals ik al zei, heb ik de PlantNet app omarmd, en wat staat er allemaal op onze camperplaats?
De bolletjesraket. Schitterende naam.
Groot kaasjeskruid. Waarom dit paars is en niet geel, ontgaat ons een beetje.
Meneertje Mertens doet dit af als onkruid. Dat is het niet, en daarbij, niets mis met onkruid. Dit zijn stokrozen. Behoort tot de familie van het kaasjeskruid, trouwens.
Woensdag 1 juli
Vandaag staat een fietsrit van een kleine 50 kilometer gepland. Ik heb goed geslapen en raak niet goed uit bed, maar Meneertje Mertens staat te springen om te gaan fietsen. Het waait wat harder, het is grijs, maar het zou droog blijven. We maken ons klaar, en vertrekken rond 7u. Onze camperplaats bevindt zich bijna op het uiterste noordpunt van het eiland, het is maar een drietal kilometer fietsen naar de Phare de Chassiron. Op die luttele kilometers stoppen we al een keer of drie om foto’s te maken.
De lucht is betoverend mooi. En de vuurtoren is, zoals de meeste vuurtorens, heel fotogeniek.
De begroeiing ligt plat, de wind komt hier vaak uit dezelfde richting. En blaast vaak heel hard.
We hebben geluk vandaag. Zoals gezegd, het waait wel, maar het valt goed mee om te fietsen. Voorlopig hebben we geen last van de wind, integendeel. De vuurtoren is nog niet open, dus we rijden er eens rond en genieten van de ruwe kust en het ochtendlicht.
Onze fietstocht gaat dan verder via Saint-Denis d’Oléron. Het dorp ligt op een kilometer van onze camperplaats en we willen er morgen eens te voet heen. De dorpen hier hebben toch wel een apart uitzicht.
Kapelletjes zien we hier niet zo veel, soms wel eens een jezus aan het kruis.
Oesterkweek.
We rijden langs de kust en door de jachthaven van Le Douhet (daar vind ik het niet zo mooi)…
… en zo door naar het haventje van Boyardville, waar we het wel heel mooi vinden en ook eens rondrijden.
We zien heel veel stokrozen, en Meneertje Mertens wijst iedere stokroos die hij ziet aan. Het wordt stilaan wat drukker, maar het blijft over het algemeen toch wel vrij stil. In sommige dorpen zie je niemand, behalve een local die om brood gaat. Het minder goede weer, zeker, maar corona, ook. Daarna fietsen we een heel stuk door de marais op vreselijk slechte wegen, maar het is er wel verschrikkelijk mooi. Als iemand het nog eens heeft over de slechte wegen in België: jongens, het is elders niet beter hoor.
Na dit mooie stuk marais komen we weer op betere en drukkere wegen. We rijden door Saint-Pierre-d’Oléron en Saint-Georges-d’Oléron.
Daarna gaat het camperplaatswaarts met nog een laatste zicht op de Phare de Chassiron in de verte.
We klokken af op 50,4 kilometer ipv de voorziene 47, niet slecht. Onze activiteit voor vandaag zit er om 10u30 al op, maar veel wil ik verder niet meer doen. In Labenne heb ik me overdaan aan een fietstocht in de voormiddag en wandeling in de namiddag, dat gaat me geen tweede keer overkomen. Rest van de dag: ter plaatse rust. Eten maken en opeten, Meneertje Mertens doet de fiets-opruim en de afwas, en daarna is het tijd voor een tukje. Beetje rondlummelen, laptoppen, luieren, blogbericht maken, boterhammetje eten… veel meer moet dat niet meer zijn vandaag.


Laat een reactie achter bij MyriamCReactie annuleren