Quiévrain, wachten.

Het doet me er een beetje aan denken, deze dagen, aan het duivennieuws van vroeger. Wachten, in spanning. Quiévrain, wachten. (klik!)

En dat wachten gaat met wisselend gemoed. Soms zie ik het allemaal wel zitten, en denk ik: volgende week stuurt ze me terug naar mijn werk. Andere momenten zie ik alle mogelijke doemscenario’s voor mijn ogen verschijnen. Ik weet gewoon echt niet waaraan ik me moet verwachten. En dat is waar ik het nu ook moeilijk mee heb, met niet weten. De operatie is uitgesteld, wat voor behandeling me te wachten staat, weet ik nog niet. Onzekerheid.

Om die onzekerheid wat van me af te schudden, kijk ik veel tv. Netflix is mijn nieuwe vriend. Bingewatching is leuk. Toch voor even. Ik zal wel weer in gang schieten, maar nu vreet de onzekerheid mijn energie weg.

Ik hoor vanalles, en vraag me dan soms af, gaat dit echt over mij? Borstkanker, metastasen, ben ik dat wel echt? Hormoonbehandeling, bestraling. Kanker. Ik vat het vaak niet. Het leven gaat gewoon voort, en ondertussen zit er iets vijandigs in mijn lijf, dat ongemerkt zijn gang gaat.

Ik heb pijn in mijn rug, vroeger zou ik daar niets van gemaakt hebben, want ik heb altijd wel ergens pijn in mijn rug. Nu vraag ik me af, zou dat daarmee te maken hebben? Het lijkt op die plaats te zijn?

Ik denk vaak aan mijn zus. Het is logisch dat ik veel aan mijn zus denk. Op 1 december was het 7 jaar geleden dat ze overleden is. Ik lig wakker, en ik denk aan toen. Ik denk aan haar blog, waarop ook zij toen de dingen van zich af schreef en iedereen op de hoogte hield. Ik herinner me dat ze het had over haar ziekenhuiskamer en de warmte en dat ze een uil in de buurt hoorde en zoek het bewuste fragment terug:

vannacht kon ik niet slapen en hoorde de kikkers in de vijver, de uil in het maaltepark, ik telde de schaapjes, berekende mijn overlevingskansen en vooral, wat kan ik er voor opbrengen?

Mijn hart doet weer en beetje pijn, en ik besef dat ik het zelf niet heb over overlevingskansen. Het is zo anders, en ik ga er goedschiks vanuit dat ik simpelweg blijf leven. Iets anders is geen optie, toch?

Gisteren ging ik naar het werk, en ik voelde me weer eens ondergedompeld in een warm bad. Wat heb ik toch heerlijke collega’s, allemaal, stuk voor stuk. Ze zien mij graag, en dat voel ik. En dat doet deugd. Ik wentel me in de warmte die ik krijg van hen, van mijn ventje en kinderen, van mijn familie, van vrienden, van kennissen. Ik voel me niet alleen. Ik voel me gedragen.

Dit was een bericht dat van de ene gedachte naar de andere hopte, zonder mooie overgangen… maar zo gaat het in mijn hersenen ook dezer dagen. “The attention span of a gnat“, ik vind dat een heerlijke uitdrukking, en ze is zo van toepassing op mij nu. Ik vergeet waar ik dingen gelegd heb, ik vergeet wat ik al dan niet gedaan heb. Maar ik ben me wel bewust van alles wat ik krijg.

Alles komt goed.

Verwante Berichten:

2 reacties

Zeg het eens?

%d bloggers liken dit: