Vrijdag 29 juli

We blijven lekker lang liggen, vooral ik. Het luieren gisteren beviel me wel, en dat ga ik vandaag opnieuw doen. Met een klein extraatje: Mevrouw de Fotoschuur en echtgenoot en kinderen komen op bezoek. Hoera! Het had wel wat voeten in de aarde, maar uiteindelijk hebben zij een hotel in Langres geboekt (ze zijn op terugreis van Castellane naar huis), en wij zitten hier in Val-de-Meuse.

Het fietsen, daar komt hier ook niks van, veel te steile hellingen. 

Eerst gaan we naar de bakker, en maken ondertussen ook een wandelingetje in het dorp. Langs een oud gebouw waar nu een verzekeringsmaatschappij gehuisvest is.

Vlakbij is een mooie, grote kapel, de Chapelle Ste-Clothilde.

Wat verder, terug de berg op naar de camping, wordt het mysterie van het vermiste kasteel ook opgelost. Het is niet meer.

De kerk hebben we niet gevonden, en dat zullen we ook niet meer doen tijdens ons verblijf hier.

Een mooi zicht vanop de camping op het gemeentehuis.

Er is veel minder volk op de camping dan gisteren.

We zitten buiten, ik schrijf een blogbericht, we eten iets, kijken wat naar de koers, tot we bericht krijgen dat Janna & Co op 10 minuten afstand zitten. Meneertje Mertens zet er een spurtje in naar de ingang, hij kijkt echt naar uit om zijn kleindochters te zien.

We zitten samen onder de luifel, de meisjes zijn gefascineerd door de camper en wat er allemaal binnen te vinden is. Pipa zegt “ekke wil hier kaka doen” (beetje naar analogie met “ekke wil hier slapen” toen ze een tijdje geleden bij ons thuis was). Opa zet haar op de WC, maar het wordt niks, “het is maar een seetje”. Ok dan! Opa ligt in een deuk. Waarna Lili de pot nog inwijdt. Voila, dat hebben we dan ook weer gehad.

Pipa is eerder op de dag gevallen, opa heeft een mooi verband op haar knie gedaan. Daar is ze trots op, natuurlijk, en een beetje later wordt ook Lili haar “pijnlijke voet” verbonden.

Papa gaat de boel hier eens bekijken met Pipa.

Uitleggen en peten tekenen, denk ik zo.

Rond 17u trekken we naar beneden…

… daar is een soort eenvoudig snack ding dat zou opengaan om 17u30, met hamburgers, frietjes, kebab en zo… Rond 17u20 is er nog niets of niemand te bekennen om te openen, en we twijfelen of het wel zal open gaan, en om welk uur het dan zal opengaan. Janna is moe en heeft honger, dus, changement de plan, we vertrekken richting Langres. Zij zijn natuurlijk veel sneller weg en wachten ons op in de McDonalds (met een vermoeide mama en papa, en twee girls die een ganse dag in de auto gezeten hebben, moet je niet veel meer doen). Ik stuur dat ze best al bestellen want wij gaan wel wat later zijn. De Fotoschuurtjes eten en wij wachten op onze bestelling, waarna zij naar het hotel vertrekken en wij ons eten eindelijk krijgen. Het is allemaal nogal chaotisch en het duurt lang, er is heel veel volk. Als wij vertrekken hoor ik een Nederlandse man tegen zijn vrouw zeggen: “En dat noemen ze dan fastfood”. Yep, haha.

Daarna rijden wij nog een eind van de afstand die we morgen dachten te doen. Dat is nogal veel (370 km) en we hebben wel zin om nog een eindje te rijden. We twijfelen nog om te wassen onderweg, maar dat doen we uiteindelijk niet.

Onderweg zien we de zon ondergaan.

Het raam is eigenlijk te vuil om nog deftige foto’s te kunnen maken, dus stoppen we eens. Er is hier toch geen verkeer.

Mooi om de kleuren te zien evolueren.

We rijden weer verder, maar kunnen nog lang genieten van het kleurenspel in de lucht.

Onderweg zien we nog een mooi dorp met een kerk…

… en een kapelletje, maar het raam wordt nu echt wel te vuil.

Na 90 kilometer rijden zoeken we een supermarkt om op de parking te slapen, maar dan oppert Meneertje Mertens om eens te kijken op Campercontact of er niks in de omgeving is. En dat draait goed uit: op 350 meter (terugkeren) is een aire de camping car in een dorpje. Er staan 2 andere campers. We stoppen en zetten ons ernaast. Er is redelijk wat lawaai van de weg, maar laat op de avond valt dat stil. Rond 2u ‘s nachts komt er nog een camper met veel lawaai bijstaan. Maar ondanks alles slapen we hier goed. (ik voel me altijd veiliger als we niet alleen staan)

Zaterdag 30 juli

Rond 7u30 vertrekken we op de aire de camping cars in La Porte du Der. Kort daarna stoppen we alweer, er is een mooi meer (Lac du Der Chantecoq) waar ik foto’s wil maken.

En wat ik echt wel wil onthouden voor later: het is er mooi, het meer is bij wijze van spreken onderverdeeld in twee stukken: eentje voor toerisme, eentje voor de natuur. Er is een mooie en vrij vlakke voie verte rond het meer. Hier willen we echt wel eens terugkeren, want niet zó zot ver van huis.

Daarna komen we in de typische uitgestrekte landschappen van deze regio, eindeloze graanvelden met grote kathedralen (graanschuren).

De vele windmolenparken die we voorbijrijden, staan er werkeloos bij. Veel te weinig wind? We zien een paar heel traag draaiende windmolens, maar veel zijn het er niet. Onderweg lachen we zoals meestal wat af. Veel flauwe moppen, veel taalgrapjes, en als we het gehucht “la désolation” passeren nadat ik zei dat het hier wel heel verlaten is, zitten we te schaterlachen. Waar we ook veel mee lachen, is met de uitspraken van Lili en Pipa gisteren. Opa vindt Pipa haar “ik wil hier kaka doen”, waarna het geen kaka was maar een “seetje” nog altijd hilarisch. En Lili die riep naar “opaaatje” vindt hij nog altijd schattig.

Iets waar we al een hele vakantie mee lachen, is met de “speciallekes” van de motor met automatische versnellingen. Als Meneertje Mertens op auto-piloot rijdt, reageert die vaak nogal bruut. Hij stelt de snelheid in op 50km/u, we moeten ergens inhouden, en daarna trekt dat ding op gelijk zot. Idem voor 70 of 80, dat ding kan optrekken dat ik met mijn rug tegen mijn zetel geduwd wordt. En dan zegt Meneertje Mertens: “ik doe een Milanneke”. Omdat Milan heel erg goed met de campervan én mobilhome rijdt, maar toch wat harder optrekt dan Meneertje Mertens. De jonge leeftijd nietwaar, maar niks overdreven en niks mis mee. Het was (is) een steeds terugkerend grapje tijdens onze reis.

Rond 9u stoppen we in Châlons-en-Champagne bij een Intermarché voor boodschappen. Blij dat dat zo vroeg lukt, want het is zaterdag en dan is het later vaak wel te druk naar onze zin. We stoppen eens midden in de velden voor foto’s, we stoppen in het onooglijk dorp Le Hérie-la-Viéville om te lunchen. We vonden weer geen plekje in de schaduw langs de weg, en reden de weg af bij een dorpje, in de hoop daar plaats in de schaduw te vinden. En dat lukte, in de schaduw van de kerk en de bomen.

Een klein, onderkomen dorpje met een lichtjes gammele maar wel grote kerk…

een al even gammel maar giga-gemeentehuis voor 250 inwoners…

… en een prachtige muurschildering aan de school.

Zalig vind ik dit soort dorpen.

Nog anderhalf uur was het rijden toen naar Rumegies, waar we gereserveerd hadden op camping Le Petit Clos (in de Chemin Tintin, how cute).

Ook een beetje gammel, een beetje onderkomen, een beetje smoezelig…

… maar we vinden het hier rustig en gezellig en morgen gaan we (echt!) de buurt hier eens verkennen met de fiets. 

Opa mag hier slapen onder een kunstwerkje van Lili.

Verwante Berichten:

Misschien lees je dit ook graag:

8 reacties

  1. Wij hebben een hele vakantie destijds bij Lac du Der doorgebracht met kleine kinderen en beide aspecten goed benut. Wij vonden het er geweldig. Alleen raakte ik met een kind in het ziekenhuis met hoge koorts en uitdroging. Het kwam goed.

Zeg het eens?

%d bloggers liken dit: