Woensdag 24 juni
We staan een uur later op dan voorzien, en vertrekken om 7u voor een veel kortere verplaatsing vandaag. Na nog een laatste foto van de oleander verlaten we de Mediterraanse kust en rijden de Pyreneeën in.
Het is bewolkt maar vrij warm.
De weg stijgt gestaag, al snel laten we het zeeniveau achter ons. In het begin gaat het traag, uiteraard. Veel dorpen, veel rechte wegen, bij momenten vréselijk veel ronde punten. We passeren het meer van Vinca, heel mooi. Ik keek er ook voor een camperplaats, maar dacht dat het er te druk zou zijn, vlak naast de grote baan.
Eens de weg steiler begint te stijgen, hangen we kilometerslang achter een vervelende grote vrachtwagen met zwaailicht. Ik erger me niet snel aan voertuigen voor ons, maar nu erger ik me te pletter. Het ding neemt volledig het uitzicht weg. Uiteindelijk stoppen we eens om hem een eindje voorsprong te geven. We willen eigenlijk eens stoppen voor een kop koffie, maar dat lukt niet: geen deftige parkings. We rijden verder de bergen in, en genieten van het landschap. De Pyreneeën zijn, prachtig. Grillig, groen, schitterend.
Rond 9u zijn we aan Mont Louis, waar ik eens wil stoppen. We vinden er een panoramische parking, die uitloopt in een camperplaats, begot. We kunnen de camper er dus makkelijk kwijt.
Het stadje is volledig gebouwd door Vauban.
Een fort, omwalling, het is er allemaal. Het stadje dateert van eind jaren 1600, en was een ideale verdedigingsplaats voor Frankrijk. En het zotte is, dat het nog steeds gebruikt wordt als opleidingscentrum voor paracommando’s. het fort mag je enkel binnen tijdens rondleidingen, en wij zien er militairen die oefeningen deden.
We maken een wandeling in de stad, op de vestingen en langs de buitenomwalling. En we maken véél foto’s.
Binnenin het stadje.
Op de omwalling.
Een foto van een bloemetje mag er ook altijd tussen.
De buitenkant van de omwalling.
we drinken nog een kop koffie op een bankje, kruipen in een loeihete camper en zien voor onze neus een salamander. Zie jij hem ook?
We vertrekken voor onze laatste 15 kilometer naar Matemale. Daar is een camperplaats van Camping Car Park waar we voor 2 nachten gereserveerd hebben. Ook deze laatste kilometers zijn prachtig.
Het hoogste punt dat we passeren.
De camperplaats is op 500 meter van het meer, in een dennenbos. We zoeken een plaatsje, en installeren ons.
Nog niet helemaal, want we twijfelen of we willen blijven staan. 2 plaatsen verder staat een Spaanse familie, en zij hebben hun dementerende grootmoeder mee. Die zit de hele tijd te roepen en te zingen. Ik heb enorm veel respect voor die mensen, en vind het vreselijk dat een mensenleven zo moet eindigen. Maar tegelijk zie ik het niet zitten om zo dicht bij hen te blijven staan, ik word al snel verschrikkelijk zenuwachtig van het luide roepen en zingen. Uiteindelijk ruimen we op wat we al uitgehaald hebben, en zetten we ons een eindje verder. En dat is beter. We horen grootmoeder nog, maar het is minder overheersend. We merken dat we de enigen niet zijn die het moeilijk vinden. En tegelijk voel ik me schuldig… ik vind het knap dat ze haar meenemen en zorg voor haar dragen en hun best doen om haar een mooie tijd te bezorgen. Maar goed. We houden het ook vandaag voor de rest van de dag rustig. Iets eten, wat oefenen met de telelens en foto’s maken van bloemen…
… ik ben niet bepaald tevreden en zal eens les moeten volgen bij mijn dochter.
We maken nog een kort wandelingetje tot aan het meer. We hebben geluk gehad met het weer, het klaarde onderweg in het doorrijden uit, en het bleef zonnig (maar minder heet) tot een stuk in de namiddag. Maar dan overtrekt het, en dreigt er in de verte een onweer.
Het komt dichter, het druppelt nu en dan, het rommelt wat, maar echt met volle kracht losbarsten, doet het niet. We maken ons avondeten klaar, doen de afwas, ruimen op, en gaan eens wat vroeger slapen. Los van de demente vrouw, is het hier heerlijk stil: geen lawaai van auto’s, brommers, vrachtwagens… niks. Ruisende dennenbomen, vogels, af en toe een vallende denappel (toegegeven, als er eentje op het dak van de camper valt, maakt dat best veel lawaai), wat gebabbel, regendruppels, en donder. Verder: niks. He-le-maal niks. Schitterend!
Donderdag 25 juni
We staan wat later op, en maken ons klaar voor een wandeling.
Fietsen behoort in de Pyreneeën voor ons echt niet tot de opties, maar thuis had ik met Komoot een wandeling van een goede 8km rond het meer van Matemale voorbereid. Rond 8u vertrekken we. De wandeling loopt door de camperplaats, dus we kunnen zo vertrekken. We beginnen met een stuk door het bos.
Komoot loopt een beetje naast de lijntjes, maar al snel zijn we ermee weg, het klopt wel. We stappen naar de stuwdam van het meer van Matemale, dat we gisteren al rijdend zagen. Dit is uiteindelijk het enige geasfalteerde stuk van de wandeling, en eigenlijk is het best wel warm. Maar ook heel mooi. Onderweg komen we heel weinig mensen tegen.
Maar ook heel mooi. Daarna lopen we op gravelpaden, of op compleet versleten asfalt. En soms op gewone paden. Nooit op de weg met gemotoriseerd verkeer.
Hier en daar zie je dat het hier gisteren onweerde.
We lopen het hele meer rond, soms dicht bij het water, soms wat verder, gelukkig met grote stukken in de schaduw, want het is al behoorlijk warm om te stappen in de zon. We zien een huis met een grasdak.
We genieten van de uitzichten, van de bergen, van de bloemen die we zien. Gisteren zagen we grote bloemen waarvan ik me afvroeg wat het waren. Brem, zei Meneertje Mertens, want hij heeft besloten alles wat hij niet kent, brem te noemen. Of hyacinten, dat konden het volgens hem ook zijn. Hm. Niet echt. Voor mij kwam het nog het dichtst bij vingerhoedskruid, maar dat was het zeker niet. Vandaag zou ik het eens opzoeken. Maar al stappend denk ik opeens: lupine! Waar dat vandaan kwam, geen idee. Wellicht iets wat ik onthouden had van de wandelingen met mijn ma en Herman vroeger? We komen de bloemen wat later tegen, ik zoek ze op met PlantNet en wat raad je? Lupine. Moeha.
De wandeling gaat heel vlot, alhoewel de laatste kilometers echt wel lastig worden. Maar het is zo de moeite waard.
We zien ook paardjes.
Ik krijg een honger- en hitteklopje, maar dan zijn we al op een halve kilometer van “huisâ€. We klokken af op 9,3km, gelukkig zonder noemenswaardige hoogtemeters. Ik ben uitgeteld, en moet wat bekomen. Daarna gaat Meneertje Mertens nog lozen en water vullen, zetten we de camper iets beter op de blokken, en maak ik ons middageten.
Daarna: platte rust. Het is ondertussen overtrokken, en het druppelt nu en dan. Tijden onze siësta worden we ruw gewekt door grote regendruppels, snel de ramen en luiken sluiten en buiten alles opruimen. De rest van de namiddag spenderen we binnen. Niet erg, we hadden niks gepland, en kunnen dat best wel verdragen, zo’n namiddagje ledigheid. Morgen gaan we weer een flink eind rijden, dus zijn we best goed uitgerust. De regen gaan zelfs over in een echt onweer. Voor ’s avonds hebben we nog soep en brood, maar morgen is het tijd voor boodschappen. En we zullen eens moeten zien om wat kleren te wassen. Dat gingen we deze namiddag doen, maar als het regent, is dat geen optie.



Laat een reactie achter bij GoofballReactie annuleren