Uit mijn blogbericht over mijn favoriete vakantie, bleek dat Meneertje Mertens het niet helemaal eens is met mij. Voor mij is onze 2020 corona-reis mijn favoriet, hij prefereert onze “wielervakanties”. Koers. De koers achterna. We probeerden de Giro en de Vuelta, maar de Tour blijft favoriet. Ondanks de drukte. Hij vertelt zelf waarom.

Voor mij hoeft een vakantie niet groots of exotisch te zijn. Geef mij mijn camper, een paar weken vrijheid en de Tour de France, en ik ben gelukkig. Elk jaar opnieuw kijk ik uit naar dat moment waarop ik de motor start, het Franse platteland in trek en me laat meevoeren op het ritme van de koers.

De Tour volgen is iets bijzonders. Niet alleen omwille van de sport zelf – al blijf ik gefascineerd door de kracht en het doorzettingsvermogen van de renners – maar vooral om de manier waarop het land tot leven komt langs het parcours. Dorpjes die zich klaarmaken voor de doortocht, mensen die al dagen op hun plekje langs de weg staan, het trage opbouwen van de spanning… Het is geen overweldigend spektakel, maar eerder een soort ingetogen enthousiasme dat je overal voelt.
De reclamekaravaan is daar een opvallend onderdeel van. Uren voor de renners passeren, komt een stoet wagens langs die allerhande gadgets en snacks het publiek in werpen. Het zorgt voor een glimlach, soms ook voor verbazing. Mensen die plots in beweging schieten voor een petje of een sleutelhanger, sommigen die zonder aarzelen bijna je camper induiken om iets te graaien. Na zo’n passage zit je al snel met zakken vol kleurrijke hebbedingen – het merendeel geven we weg, maar de worstjes, Haribosnoepjes en madeleine koekjes houden we lekker zelf. Er zijn grenzen.
Wat deze vakantie voor mij zo perfect maakt, is de eenvoud. De koers bepaalt onze route, het landschap verandert elke dag en de camper biedt alle vrijheid. ’s Ochtends wakker worden met uitzicht op een bergpas of een veld vol zonnebloemen, en weten dat je nergens moet zijn behalve daar waar de Tour langskomt – dat is rust in zijn puurste vorm.

’s Avonds, na een dag onderweg, zit ik buiten onder de luifel met een glas frisdrank want ik drink geen alcohol en een stukje kaas of Franse worst. De zon zakt langzaam weg achter de heuvels, en de drukte van de dag maakt plaats voor stilte. Soms een babbel met de buren, soms gewoon even niets. De koersresumé lezen op de laptop, een frisse avondbries en de wetenschap dat morgen weer een nieuwe etappe wacht.
Het is geen vakantie die je in een folder vindt, en dat hoeft ook niet. Voor mij is dit puur genieten. De perfecte balans tussen avontuur en vertraging, tussen koers en kalmte. En dat maakt het voor mij elk jaar opnieuw de mooiste tijd van het jaar.














Zeg het eens?