Zoals al te lezen was in mijn week in beeld, is Nic gisteren (vrijdag) via spoed binnengegaan in het AZ Sint-Lucas in Gent. Het verhaal.
We hadden dus een heel fijn familiefeest zondag, met een hele nest kinders. Maandag en dinsdag geen vuiltje aan de lucht, maar de nacht van dinsdag op woensdag werd ik rond 4u30 wakker van Nic die naast me lag te klappertanden en te beven van de kou, hij kon nauwelijks praten. Verwarming beneden aangezet, en na een half uurtje verkaste hij naar daar in de hoop nog wat verder te kunnen slapen.
Dat lukte ook, en toen ik beneden kwam, trof ik een slapende echtgenoot die nergens wakker van werd. Toen hij na een tijdje wakker werd, vond hij het niet nodig om een dokter te bellen. Eetlust had hij niet, hij wilde alleen slapen. Voelde zich algemeen mottig, had af en toe hoofdpijn, niet al te veel koorts (hm, de batterijen van onze thermometer zijn plat en we hebben zo geen batterijen meer, soit, zonder gaat ook wel). Ik verzet de afspraak die ik voor mezelf had bij de huisarts, en zeg het voorlezen bij Otto in de klas af. Gelukkig kan andere oma daarvoor inspringen. Nic heeft zowat de hele dag geslapen. Maximum twee uur wakker geweest.
Weer beneden geslapen omdat de temperatuur daar beter te regelen valt. Ik sta op en tref een echtgenoot die zich nog slechter voelt dan de vorige dag. Hij heeft ook diarree, en is flauwgevallen toen hij terugkwam van het toilet. Hij heeft dat eerder al gehad en voelde het aankomen, en is op de mat gaan liggen om flauw te vallen. Hij mompelt iets van “geen dokter”, maar ik bel toch de dokter, een huisarts uit Waarschoot die hier al eerder kwam. Nic had in de namiddag normaal gezien een afspraak bij de chirurg voor een nieuwe biopsie. Ik bel naar het secretariaat van hematologie om te melden dat hij ziek is en dat hij niet kan komen. Ik vraag ook om Nic zijn symptomen door te geven aan de hematologe, zodat ze op de hoogte is. Ik spreek af met het secretariaat dat ik hen op de hoogte hou van het verdict van de huisarts. Bij mij begint het idee te groeien dat hij een longontsteking heeft, ik zoek de symptomen op en die komen perfect overeen.
De huisarts komt tegen 2u langs, en kan eigenlijk weinig vinden. Hij prikt wel bloed, en morgen mag ik tegen 9u bellen voor de uitslag. Dan is al duidelijk dat er met Nic geen conversatie meer te voeren valt, het meeste gaat langs hem heen. Ik ga medicatie halen tegen de diarree en koop onderweg ook batterijtjes. Nic slaapt en slaapt en slaapt. En ik maak me steeds meer zorgen. Hij wil bijna niks meer eten, af en toe gaat er eens een mandarijntje in, maar verder wil hij niet veel. Gelukkig drinkt hij nog wel voldoende. Hij slaapt nog meer dan de dag voordien.
Vrijdag krijg ik rond 9u30 de Waarschootse huisarts te pakken, die meldt dat zijn ontstekingswaarden “veel te hoog” zijn. Drie weken geleden nog 7, nu 159. Maar ja, hij wil hem toch nog eens zien, en zegt dat hij nog eens gaat langskomen. Ik wacht om het secretariaat van hematologie op de hoogte te houden tot hij geweest is, maar tegen 10u bellen ze zelf. De hematologe wilde op de hoogte gehouden worden, en we spreken af dat ik terugbel als de huisarts geweest is. Tegen de middag nog geen huisarts gezien, maar dan belt de hematologe zelf. En zegt dat hij toch beter gewoon naar spoed komt en zo binnengaat in het ziekenhuis, volgens haar zal het alleen maar erger worden en ik weet dat ze gelijk heeft. Ik spreek af met Janna, die al stand-by was, en bel de huisarts af. Een uur later zijn we op spoed. Waar we héél snel binnen kunnen, bij een norse spoedverpleegkundige belanden, vandaar via een bitch van een, ik weet het niet, transportmens of verpleegkundige of zorgkundige, al stappend mee moeten naar een kamer naar boven. Er was gezegd met rolstoel, hadden we allebei gehoord, maar zij houdt bij hoog en laag vol dat dat niet moest, en vertrekt met stevige tred. “Het is niet ver”, zegt ze, maar voor een halfdode mens die op zijn adem trapt en op zijn sokken loopt, is het belachelijk ver. Mijn emmertje loopt over en ik ben even onbeschoft als zij is, maar ze houdt voet bij stuk en blijft zeggen dat ze gelijk heeft. Bitch. De stoom komt uit mijn oren als we op de kamer van acute zorg zijn, maar dan treedt de trein der traagheid in en kan de stoom evaporeren. Soit.
Na een hele namiddag met vanalles en veel wachten, bloedafname, thoraxfoto (duurt een eeuwigheid), bloedgasbepaling (die niet goed lukt en die pijnlijker lijkt dan de beenmergpunctie een paar maanden geleden), echo (duurt een nog langere eeuwigheid, ondertussen is het al na 6u), staat vast dat het inderdaad een longontsteking is, en wordt na een nog klein misverstandje de behandeling met breedspectrumantibiotica opgestart. We verhuizen naar een gewone kamer, na nog eens een fout in transportmiddel. Nu wel rolstoel, maar het had bed moeten zijn, want Nic is ondertussen zo slecht dat hij zitten niet meer ziet, euh, zitten. Deze transportdame houdt even kordaat voet bij stuk als de vorige, maar is wel veel vriendelijker. Kort na aankomst op de kamer vertrek ik.
De dag nadien krijg ik onverwacht bericht van Nic dat het al wat beter gaat. Staat ondertussen vast dat de longontsteking bacterieel is en de specifieke antibiotica zijn opgestart. Kort na de middag ga ik bij hem. Hij is weer aanspreekbaar en kan met het nodige hoesten een gesprek voeren. Ik ben blij dat hij zich weer in onze wereld bevindt, en opgelucht dat het de goede kant uitgaat, want de laatste dagen waren behoorlijk stressy. En zot ook hoe snel het achteruit kan gaan met de gezondheid. De longontsteking heeft, buiten de lagere weerstand natuurlijk waardoor hij vatbaarder is, verder niet te maken met zijn eerdere klachten.
Hij ligt op interne als vorige keer, maar andere verdieping en ander uitzicht, op de mooie mural. De eetlust is ondertussen terug en hij vindt echt alles lekker wat hem voorgeschoteld wordt. Hij schuifelt rond in de kamer, en eet aan tafel. Het is enerzijds een spectaculaire vooruitgang, maar anderzijds weten we ook dat het herstel er eentje van lange adem wordt. En voorlopig vragen we ook nog niet wanneer hij naar huis mag. Dat is voor later.


Zeg het eens?